Mijn pad deel 12 Hoe ons huis in Frankrijk een lichtgebied werd
Jarenlang was ons huis in Frankrijk een vakantiehuis. Maar het had een grotere bestemming. Dit is het verhaal van hoe we al werkend leerden wat een lichtgebied is en wat het aanleggen ervan van ons vroeg.
In een eerder deel van deze serie vertelde ik hoe we via een toevallige ontmoeting op een Franse camping een vervallen huis kochten. Mijn moeder had op dat moment al contact met haar gids, en via haar hadden we te horen gekregen dat dit huis een cadeautje was vanuit het licht. Dat klopte, maar het was pas later dat we begrepen hoe groot dat cadeautje eigenlijk was.
Jarenlang was het huis voor ons in de eerste plaats een vakantiehuis, en juist dat heen en weer reizen maakte het energetische verschil met Nederland steeds voelbaarder. Maar er zat meer in het vat.
Mijn moeder had van haar gids begrepen dat deze plek kon uitgroeien tot een lichtgebied. Wat vanuit het licht gezien werd als iets moois, een buitenkans, iets waardevols voor de aarde. Maar wat dat verder inhield was voor ons op dat moment nog een raadsel.
Wat is een lichtgebied? Waarom is dat waardevol? Voor wie is het waardevol? Hoe ontstaat het? En wat betekent het in de praktijk? We hadden veel vragen. Bij navraag begrepen we dat we er meer over zouden leren en dat we er zelf voor aan de slag moesten.
Wat er van ons gevraagd werd
Voordat we konden beginnen, moesten we weten wat “aan de slag gaan” eigenlijk betekende. Via mijn moeder kregen we concrete instructies.
De eerste stap was het aanleggen van een energetische bescherming rondom het gebied. Een koepel van energie, die om het terrein heen geplaatst zou worden en die de trilling binnen het gebied moest gaan beschermen. Dat was geen eenmalige actie. De koepel moest opgebouwd worden, verstevigd, en gevuld met hoog trillende energie.
Dat vroeg om schonen. Veel schonen. Hoe meer negatieve laagtrillende energie er verwijderd werd, hoe hoger de trilling automatisch werd. En er was veel onderliggende negatieve energie aanwezig. In het algemeen was de energie er beter dan dat we in Nederland gewend waren, maar het was een oud huis, gebouwd in 1839, en op fundamenten die nog ouder waren. Een lange geschiedenis met veel mensen, veel gebeurtenissen, betekent veel opstapeling van negatieve energie.
En tegelijk moesten we ons in verbinding stellen met het licht. Schonen alleen is niet genoeg: dat verwijdert wat er niet hoort te zijn, maar vult niets. De koepel moest ook actief gevuld worden met hoog trillende energie vanuit het licht. Dat gebeurt niet vanzelf. Je moet je er bewust voor openstellen, contact leggen en die verbinding vasthouden terwijl je bezig bent. Twee dingen tegelijk dus: lage trilling verwijderen en hoge trilling aantrekken.
Een week lang, elke avond. Dat was de opdracht om mee te starten.
De eerste avonden
Dus gingen we aan de slag. Het was heet die zomer. Overdag standaard 35 graden, maar regelmatig meer. En elke avond rond een uur of acht gingen we naar buiten. Mijn moeder en ik. Op het hoogste punt van het terrein, het huis is gebouwd op een heuvel. Waarom het precies op die plek moest was voor ons nog niet duidelijk.
Mijn moeder kreeg ingevingen hoe je zo’n koepel moest aanleggen op welke plek die moest komen en hoe groot die moest zijn. Dat we meerdere koepels moesten aanleggen. Een hele grote om het volledige gebied te omsluiten. En een kleinere waarin voornamelijk ons leefgebied lag en waar geen openbare wegen doorheen liepen, geen wandelpaden, geen overpad voor de boeren in de buurt.
Dat er poorten aangelegd moesten worden op de plekken waar mensen wel de koepel in kwamen, zodat negatieve energie die bij hen aanwezig was zoveel mogelijk gefilterd werd op het moment dat ze naar binnen kwamen. Ook voor mensen die zelf niet energetisch bezig waren. De postbode. Wandelaars. De buurman die een praatje kwam maken.
Ook vertelde haar gids waarom juist deze locatie zo geschikt was voor een lichtgebied. Ver van grote steden met veel mensen, afgezonderd genoeg dat er maar weinig verkeer was en centraal gelegen zodat het kon dienen voor een groter gebied eromheen.
Na die eerste week was er een start gemaakt met het lichtgebied. Maar al snel begrepen we dat alleen een koepel aanleggen en energetisch schonen niet voldoende was.
Niet voor onszelf
Het basisprincipe van een lichtgebied was inmiddels duidelijk. Een gebied waar de trilling hoog is en waar actief negatieve energie verwijderd wordt. Maar wat dat voor doel had, was ons nog niet duidelijk. Wat we wel merkten was dat over het algemeen het contact van mijn moeder met haar gids steeds duidelijker werd en steeds makkelijker ging.
Maar dat was zeker niet elke dag het geval. Er waren avonden dat we schoonden en schoonden, maar dat het gewoon niet lukte contact te leggen. We hadden toen nog niet de technieken en de kennis die we nu wel hebben om echt goed te kunnen schonen.
Op de dagen dat het wel goed ging, kregen we veel uitleg, lessen over de energetische wereld en over het belang van het lichtgebied. We wisten al dat mensen op aarde zijn voor groei van de ziel. Dat de ziel vanuit het licht incarneert op de aarde en na het overlijden kennis en groei mee terug neemt naar het licht. Maar nu leerden we dat dat niet altijd zo vanzelfsprekend is voor elke ziel. Dat er heel veel redenen kunnen zijn waardoor zielen niet naar het licht gaan na het overlijden.
Een van de belangrijkste taken van het lichtgebied is een veilige haven bieden voor zielen die niet naar het licht waren gegaan. En zielen die naar het licht willen, maar niet kunnen, durven of weten hoe daarin te begeleiden. We moesten een lichttube aanleggen, een aanzuigende energiebuis rechtstreeks naar het licht die door zielen gebruikt kon worden.
Dat was de eerste keer dat we echt begrepen waar het om ging. Niet een plek voor onszelf. Een plek voor zielen die hulp nodig hebben.
Wat ik begon te zien
Na die eerste week was het elke avond naar buiten gaan stilzwijgend gewoon onderdeel van de dag geworden. De hitte maakte het soms fysiek zwaar. Maar wat we er elke avond voor terugkregen maakte dat bijzaak. Nieuwe kennis, nieuwe inzichten, een wereld die zich steeds verder opende. Het was een schitterende kans om te leren en te groeien, en zo voelde dat ook.
Elke avond leerden we meer. Er volgde een nieuwe opdracht: een week lang moesten we zielen aanroepen. Dat deden we op het hoogste punt van het terrein, precies de plek waar we elke avond zaten. Niet toevallig bleek nu: het was de beste plek van het hele terrein om zielen te kunnen aanroepen en daarom gekozen. Een energetische oproep aan de zielen in de omgeving: dat ze hier veilig waren, dat er hulp was, dat ze naar het licht konden gaan. En mij werd geleerd hoe ik ze kon zien, ook met mijn ogen open.
Wat we ontdekten, als je er goed op lette, waren bewegende witte puntjes. Op sommige avonden meer dan op andere. De uitleg was eenvoudig: dit was de energie van de zielen die we konden waarnemen, en op de ene dag waren er meer dan op een andere dag.
Tot dan toe was mijn blik in het energetische werk altijd gericht geweest op negativiteit. Herkennen wat er verwijderd moest worden, zien waar negatieve energie zat. Nu leerde ik anders kijken: het positieve zien, herkennen, voelen. Dat was een even grote verschuiving als het werk zelf.
Maar daarna werd het zicht dieper. Ook met gesloten ogen leerde ik steeds meer herkennen op positief vlak. Engelen. Lichtmeesters. En ook zielen die naar het licht wilden, soms half vergaan of in flarden, soms als zichzelf. Mensen in kleding uit een andere tijd. Soldaten die van ver kwamen. En soms een hele groep bij elkaar: mensen die tegelijk waren omgekomen en gezamenlijk de stap wilden zetten. Een groep die verdronken was bij een scheepsramp. Mensen die omgekomen waren bij een busongeluk in Spanje. Ze kwamen langs.
En ik voelde ze ook. De emoties van mensen die waren gestorven. Soms de pijn van het overlijden, soms emoties als verdriet, angst of verwarring. Niet omdat ik er naar zocht, maar gewoon doordat ik het oppikte. Eerst alleen op de momenten dat we er de tijd voor namen. Maar niet veel later ook door de dag heen.
In het begin maakte het me angstig, maar door de uitleg die we er bij kregen kon ik het plaatsen. Het waren niet mijn emoties. Het waren die van zielen die aanwezig waren. Zodra ik dat wist, verdween de angst. En maakte het plaats voor iets anders: de wil om te begrijpen hoe ik ermee kon werken.
Het besef dat alles groter was
Vanuit het licht, zo leerden we, wordt enorm veel energie gestoken in het helpen van die zielen. Er zijn engelen die hiervoor naar de aarde komen. Lichtmeesters die het als persoonlijke taak hebben om zielen te begeleiden die vastzitten. Dat is niet altijd iets wat vanzelf gaat. Het vraagt inspanning, ook vanuit het licht.
Een lichtgebied maakt dat werk makkelijker. De hoge trilling van zo’n plek maakt het mogelijk dat lichtmeesters en gidsen er naartoe kunnen komen, iets wat op de meeste plekken op aarde door de lage algehele trilling al lang niet meer mogelijk was. In het lichtgebied kon dat nog wel. En juist daardoor konden er ook over grotere afstanden banen aangelegd worden: routes waarlangs zielen die elders vastzitten naar het lichtgebied begeleid konden worden, om van daaruit de stap naar het licht te zetten.
Dat was het moment waarop de woorden “cadeautje voor de aarde” ineens een heel andere lading kregen.
Zielen en geesten die vastzaten
Wat ook steeds duidelijker werd, was dat dit een onderdeel van onze taak was. Niet alleen de mensen helpen die nu leven, maar ook de zielen en geesten die na hun overlijden zijn achtergebleven.
Steeds meer leerde ik het herkennen. Niet alleen in het lichtgebied, maar ook tijdens energetische schoningen waarbij zielen vrij kwamen. Later ook bij regressies van anderen: zielen en geesten die vastzaten in een situatie uit een vorig leven, of die om uiteenlopende redenen nooit naar het licht waren gegaan.
Neem iemand die in het nu overdreven veel voedsel op voorraad hield. Tijdens de regressie duikt de hongerwinter op. De machteloosheid van de mensen in de stad op dat moment was voelbaar, en gaf in korte tijd een helder beeld van wat er gaande was. Het verklaarde het gedrag, maar daar bleef het niet bij. Het was ook aanleiding om de zielen van mensen die in de hongerwinter waren omgekomen aan te roepen en alsnog naar het licht te begeleiden.
Of verder terug, veel verder: een stamleider die tijdens een mammoetjacht als sterkste man van de stam verongelukt en hen niet wil achterlaten maar daardoor moet toekijken hoe zijn familie omkomt van de honger. Een trauma dat de ziel leven na leven met zich mee had gedragen: angst om verantwoordelijk te zijn voor een groep, alles zelf doen omdat je het vermogen van anderen niet vertrouwt. Door de regressie werd het mogelijk die last los te laten, omdat hij de overledenen van zijn stam nu alsnog naar het licht kon begeleiden. En ook de geestdelen van de stamleider zelf, die al die tijd nog aanwezig waren gebleven op die plek, konden eindelijk gaan.
Het was een leerschool die ik niet had verwacht. En tegelijk was het precies wat er nodig was. Want dit is werk dat altijd doorgaat. Er zijn altijd zielen die de weg kwijt zijn. Altijd mensen die zijn omgekomen en niet weten waar ze naartoe moeten. Het lichtgebied is een plek waar zij geholpen kunnen worden, en mijn ontwikkeling stelt me in staat hen te herkennen en te helpen.
Niet alleen die ene zomer
Die eerste zomer was het begin. Het lichtgebied was aangelegd, de basis was gelegd. Maar daarmee was het werk niet gedaan.
In de jaren daarna werd het lichtgebied onderdeel van het dagelijks leven. Niet als taak die er af en toe even bij komt, maar als manier van leven. Je houdt er rekening mee, ook in praktische beslissingen. Energetisch schonen als vaste noodzaak, niet incidenteel maar doorlopend. Hoe minder negatieve energie het gebied binnenkomt, hoe hoger de trilling blijft.
Dat heeft ook praktische gevolgen. We kunnen niet zomaar iedereen voor langere tijd uitnodigen. Iedereen die het gebied binnenkomt, wordt indien mogelijk van tevoren goed geschoond. Gaan we er een tijd weg? Dan blijven we ook op afstand schonen.
En ook zelfzorg is geen bijzaak, het is een voorwaarde. Zodra je zelf negatieve energie gaat creëren, door langdurige ontevredenheid of negativiteit om welke reden dan ook, kun je niet meer in het gebied wonen. Dat legt een zekere druk op je. Maar het maakt ook dat je constant aandacht houdt voor je eigen energetische staat. En dat is, in de praktijk, juist wat het leven in zo’n omgeving doet: je houdt het niet vol als je niet volledig leert leven vanuit positiviteit.
De waarde voor ons persoonlijk
Ja, het geeft druk om zorg te dragen voor een lichtgebied, maar die zelfde leefregels die nodig zijn om het gebied in stand te houden, zijn ook nodig om het werk te kunnen doen dat ik doe. Ik moet zorgen dat mijn persoonlijke trilling hoog genoeg blijft, niet alleen voor het lichtgebied, maar ook om contact te kunnen leggen met de lichtmeesters tijdens een masterclass. Ik kijk energetisch naar de staat van de koepel, maar de zelfde techniek gebruik ik om bij anderen te controleren of hun energetische beschermingen in orde zijn tijdens een workshop bijvoorbeeld.
Na het overlijden van mijn moeder nam Dolf veel van haar taken over. Ook het begeleiden van zielen die via het lichtgebied naar het licht willen. Vroeger voelde ik wanneer ze er waren en gaf dat door aan haar, zodat zij ze kon begeleiden naar de tube. Nu doen Dolf en ik dat samen indien nodig, maar is het voor hem een eigen taak op zich geworden. Hij houdt de lichttube in stand en is er regelmatig energetisch aanwezig om de zielen persoonlijk te begeleiden.
Maar het lichtgebied geeft ons ook veel terug. Voor mij is het lichtgebied de plek waar contact met het licht, met gidsen en lichtmeesters, het directst is. Waar informatie het makkelijkst ontvangen kan worden. Het maakt het werk dat ik doe mogelijk. Dolf is door de jaren van werken voor het lichtgebied inmiddels erg gevoelig geworden voor negatieve energie. Dat was nodig om de hoge trilling van het lichtgebied goed te kunnen beschermen. Maar buiten het gebied heeft hij hierdoor eigenlijk te veel last van die laagtrillende energie, de koepel geeft hem de bescherming die hij nodig heeft. De cursisten die bij masterclasses aanwezig zijn geven steeds opnieuw aan dat ze de hoge trilling van het gebied voelen, dat contact leggen beter gaat en inzichten makkelijker komen.
Voor je eigen pad
Het lichtgebied is er wellicht voor een beperkte groep. Maar de principes die eraan ten grondslag liggen, zijn dat niet. Energetisch schonen, jezelf energetisch beschermen, contact leggen met gids, werken aan je persoonlijke trilling en zelf zielen helpen naar het licht te gaan: dat is precies wat er tijdens de cursus aan bod komt. En in het bewust groeipad daarna gaat het verder, bijvoorbeeld met de maandelijkse masterclasses, ook vanuit het lichtgebied.
Wat begon als een cadeautje dat we niet begrepen, heeft het leven mogelijk gemaakt dat we nu leiden, was de leerschool die ik nodig had om het werk te kunnen doen dat ik doe, en heeft mijn leven een diepgang gegeven die ik toen nooit voor mogelijk had gehouden, maar functioneert in de eerste plaats nog altijd als hub voor engelen en lichtmeesters om de zielen te helpen die dat nodig hebben.
Karin




